Zoomfunctie

Moeite met het lezen van de tekst? Vrijwel alle populaire browsers geven u controle over hoe groot websites worden weergegeven.

  • Windows
    Mac OS
  • Zoom in
  • Zoom uit
  • Zoom 100%
  • Muiswiel op / neer

Het is heel belangrijk dat strooisel zo droog mogelijk is. Bacteriën vermeerderen zich bij voorkeur in vochtige en warme (broei)omstandigheden. Organisch materiaal, zoals zaagsel, stro en vaste fractiemest wordt door bacteriën ook als voedingsbron gebruikt, zeker als daar ook nog wat uitgelekte melk bij komt. De snelste bacterievermeerdering - in volgorde van snelheid - treedt op in vaste fractiemest, stro, hardhoutschilfers, wit zaagsel, papierpulp. Zachte houtsoorten (bijvoorbeeld den en spar) bevatten meer harsachtige stoffen, die de bacteriële vermeerdering enigszins remmen en daardoor geschikter zijn dan hardhout of eik. Anorganisch materiaal (zand) bevat geen of veel minder voedingsstoffen, tenzij het erg vervuild is met organisch materiaal, zoals mest. 

Het strooisel dat als uitgangsmateriaal wordt gebruikt moet zo min mogelijk kiemen bevatten. Houd het materiaal goed droog, door het onder een dak te plaatsen. Afdekken met plastic geeft vaak schimmelvorming en bacteriegroei door condensvorming. Voorkom dat het strooisel vocht opneemt uit een (vochtige) ondergrond, dat kan bijvoorbeeld met een laag klinkers onder de voorraad.
Voor voldoende ligcomfort, grip, opname van vocht en preventie van speenbetrappingen hoort in een diepstrooiselbox minimaal 15 centimeter strooisel te liggen. Op een rubber matras is een laag strooisel van minimaal 5 centimeter gewenst.

Soorten strooisel

Naast zaagsel en andere gebruikelijke ligboxstrooisels, worden veel verschillende andere materialen of mengsels aangeboden voor het instrooien van boxen. Wat ook gebruikt wordt, het is belangrijk om de boxen schoon en droog te houden, dat belemmert een snelle vermeerdering van bacteriën. Bij bijvoorbeeld gescheiden mest kunnen omgevingsgebonden mastitiskiemen fors toenemen als het materiaal te vochtig is of opnieuw vochtig wordt. Een aantal soorten ligbedstrooisels wordt hieronder nader uitgelicht. 

Zaagsel en andere houtproducten

Zaagsel en andere houtproducten geven een goed koecomfort en veroorzaken geen problemen bij de verschillende mestsystemen. Een nadeel van een mindere kwaliteit zaagsel is dat het Klebsiella-bacteriën kan bevatten. Klebsiella kan ernstige uierontstekingen veroorzaken. Op het oog schoon zaagsel uit de voorraad, zeker als het vochtig/klam is, kan enorme aantallen kiemen bevatten. Kurkdroge houtvezels, verpakt in plastic pakken bevatten zelden kiemen.

Gebruik bij voorkeur altijd eerste kwaliteit uitgangsmateriaal en laat bij twijfel een representatief monster vanuit de voorraad onderzoeken op kiemgetallen voor E.coli en Klebsiella. Goed zaagsel hoort per gram geen of minder dan 100 kve (kolonievormende eenheden) Klebsiella te bevatten en minder dan 1000 kve E.coli. Zaagsel met schorsdelen bevatten vaak meer Klebsiella-bacteriën dan gewenst. Verkeerde partijen (vervuild en met veel schors) en vochtig strooisel veroorzaken geregeld uitbraken van ernstige vormen van uierontsteking.

Het blijkt dat hoe fijner het zaagsel is (bijvoorbeeld uit de meubelindustrie), hoe sneller bacteriën zich erin kunnen vermeerderen. Bovendien ‘plakt’ het fijne zaagsel makkelijker aan de spenen. Hardhoutzaagsel (roodkleurig zaagsel) bevat vaak meer splinters, die beschadigingen aan uier en speenhuid kunnen veroorzaken.

Vaak ligt een voorraad zaagsel voorin de ligbox. Het nadeel hiervan is dat het materiaal vochtig wordt door speeksel en uitgeademde lucht of door condens (buitenmuur). Het resultaat is een forse vermeerdering van kiemen, waarmee de kwaliteit van het materiaal  flink achteruit gaat.
Voor het beste resultaat verwijdert u mest en natte plekken minimaal tweemaal daags en vult u het aan met schoon uitgangsmateriaal vanuit de opslag (niet vanuit een voorraad voor in box). Een ‘knieproef’ met schone overall of keukenpapier kan direct duidelijk maken of een ligplaats comfortabel en droog genoeg is voor de koe. 

Het kiemgetal van het strooisel op de ligplaats kan toenemen. Dit pleit voor vaak en nauwgezet onderhoud van de ligplaats wat betreft strooisel. Het is vooral belangrijk dat bij het instrooien van de ligplaatsen schoon strooisel op de plaats van de uier komt.

Een globale richtlijn voor de hoeveelheid droog strooisel (houtvezels of zaagsel) om ligplaatsen op te strooien en de hygiëne op peil te houden is:

  • 150 gram per dier per dag voor pinken en droogstaande koeien 
  • 200 tot 300 gram per dier per dag voor oudmelkse koeien
  • 400 tot 500 gram per dier per dag voor nieuwmelkse koeien.
Ook al liggen er matrassen in een box, strooisel is altijd nodig om het vocht (urine en melk) te absorberen en daarmee de kans op mastitis te verminderen. Bovendien is een laag strooisel nodig om te voorkomen dat een matras schuurt en beschadigingen aan de hakken van de koe veroorzaakt.

Stro

Stro moet voor gebruik in boxen worden gehakseld. Het is comfortabel, maar heeft het nadeel dat het in sommige mestsystemen ophoopt en dus lastiger te verwerken is. Ook ‘plakt’ het iets meer aan de uier. Vervang stro regelmatig. In combinatie met mest is stro vooral berucht door de grote hoeveelheden Streptococcus uberis die het kan bevatten. Deze bacterie kan zowel een verhoogd celgetal als klinische mastitis veroorzaken. Het is dus noodzakelijk om, net als bij zaagsel, twee keer per dag de natte plekken goed en ruim te verwijderen en vervolgens de boxen opnieuw in te strooien.

Compost

Compost werd in ligboxen, maar ook als strooisel in een vrijloopstal gebruikt. Nadeel is dat de stofdeeltjes in de omgeving komen, dus ook bijvoorbeeld in elektronische apparatuur.
Onderzoek heeft daarnaast uitgewezen dat compost en gecomposteerde materialen sterk verhoogde concentraties sporenvormende bacteriën bevatten. Deze bacteriën kunnen de houdbaarheid van de melk beïnvloeden. Verschillende zuivelverwerkers verbieden daarom het gebruik van boxcompost. 

Kalk-stro-water mengsel

In diepstrooiselboxen wordt tevens een mengsel van kort gesneden stro, kalk en water toegepast. Voor het maken van dit mengsel en het snijden van het stro wordt een voermengwagen gebruikt. Het beste is om het stro, de kalk en het water in een verhouding van 1:5:2 in de mengvoerwagen te doen. Kort stro neemt meer vocht op, daarom wordt een strolengte van 3 tot 4 centimeter geadviseerd. De toevoeging van kalk aan het mengsel zorgt ervoor dat bacteriën zich er minder goed in kunnen vermenigvuldigen. Het regelmatig aanvullen van de ligboxen is nodig om het kalkgehalte goed te houden. Gebruik geen gebluste kalk. Houd er rekening mee dat het risico op te hoge concentraties omgevingsgebonden mastitisverwekkers altijd blijft bestaan. Het korte stro en het water zorgen ervoor dat de laag inklinkt waardoor het stro niet makkelijk verschuift. Nadeel van dit boxstrooisel is dat wanneer het mengsel uit de boxen op de roosters komt, dit problemen kan geven met de mestdoorlaat. Ook kan het mengsel ‘aankoeken’ in de boxen. Dit gebeurt eerder wanneer de verkeerde verhouding wordt toegepast of wanneer het materiaal opnieuw vochtig wordt. Ook kost het vullen van de boxen meer tijd. Het mengsel moet gemaakt worden en vervolgens in de boxen worden gebracht. Dit kan bijvoorbeeld met een maisvoerbak. Een zaagselverdeler krijgt het grovere mengsel namelijk niet goed verdeeld. 

Vaste fractiemest

Er is de afgelopen jaren een flinke toename geweest van het gebruik van vaste fractie rundermest als ligboxbedekking. In algemene zin is het belangrijk om bij het gebruik van de vaste fractie uit gescheiden mest het volgende te realiseren:
  • Omgevingsgebonden mastitisverwekkers (zoals E. coli, Klebsiella spp.) zijn aanwezig in mest.
  • Als de omstandigheden voor bacteriegroei gunstig zijn (warm en vochtig weer), kunnen (omgevingsgebonden) mastitisverwekkers zich massaal vermenigvuldigen in het organische materiaal, waardoor de kans op mastitis sterk toeneemt. 
  • In de zomerperiode (warm en vochtig) wordt meer mastitis gezien door omgevingskiemen (verstoorde balans infectiedruk en weerbaarheid).
  • Wanneer het materiaal droog is en blijft, blijven de mestdeeltjes minder gemakkelijk aan de spenen plakken. Maar om bovenstaande redenen blijft het een product dat risico’s met zich meebrengt.

Onderstaande managementtips kunnen helpen bij een juiste toepassing van vaste mestfractie als ligboxbedekking:
  1. Een rantsoen van maïs en graskuil is het meest geschikt voor de uiteindelijke samenstelling van de mest.
  2. De mest moet voor het scheiden goed gemixt zijn.
  3. Het is het best als de mest na het persen een drogestofpercentage van minimaal 33 tot 35 procent heeft en binnen 12 tot 24 uur na het persen wordt aangebracht in de ligboxen.
  4. Voorkom broei.
  5. Breng de mest geregeld, één of meerdere keren per week aan in dunne laagjes (7 tot 10 centimeter); deze drogen makkelijker, waardoor het drogestofpercentage snel kan oplopen tot 60 procent.
  6. Een goed geventileerde stal is een vereiste.
  7. Zorg voor een goede boxafstelling; voorkom dat koeien bij het opstaan urineren en mesten in de box en haal dagelijks vuile plekken weg.
  8. Het starten met de vaste mestfractie als ligboxbedekking vergt tijd en aandacht.
  9. Maak gebruik van het GD strooiselpakket E. coli/Klebsiella om gemakkelijk de infectiedruk in de ligboxen vast te stellen.
  10. Door iedere dag (voorjaar/zomer) of iedere twee dagen (herfst/winter) kalk aan de ligboxbedekking toe te voegen kunt u de pH tijdelijk verhogen en de bacteriegroei afremmen.

Zand

Zand is zeer comfortabel. Koeien gehuisvest in zandboxen (mits goed onderhouden) hebben minder mastitis. Zorg voor een ligbed van 15 tot 20 centimeter diepte. Zand is anorganisch materiaal, door een gebrek aan voedingsstoffen is er minder snel vermeerdering van bacteriën . Maar zelfs in zand, zeker als het vervuild is, kunnen ook klebsiellabacteriën gevonden worden.
Vul het zand een- of tweemaal per week aan en hark het dagelijks vlak. Wroeten of woelen in het ligbed is niet verstandig, omdat diepere lagen vaak meer bacteriën bevatten. Verwijder en vervang in ieder geval twee keer per jaar al het zand, bij voorkeur voordat de warme periode begint. Zand kan gerecycled worden door te spoelen met reinigingswater, het organische deel neemt dan wel iets toe. 
Het grote nadeel van zand is dat het ophoopt in mestkelders en mestbassins en voor slijtage zorgt bij mestverspreiders, schuiven en pompen. Als dat probleem opgelost kan worden is het de ideale boxbedekking.

Ga door naar strooisel onderhouden

Ga terug naar omgevingskiemen

Ga terug naar infectiedruk

Oude browser

We zien dat u gebruik maakt van een verouderde browser. Niet alle onderdelen van de website zullen daardoor goed functioneren. Download nu de laatste versie van uw browser om veilig te kunnen surfen.