Sensoren en uiergezondheid

Zoomfunctie

Moeite met het lezen van de tekst? Vrijwel alle populaire browsers geven u controle over hoe groot websites worden weergegeven.

  • Windows
    Mac OS
  • Zoom in
  • Zoom uit
  • Zoom 100%
  • Muiswiel op / neer

Sensoren en uiergezondheid

Het vroegtijdig opsporen van mastitiskoeien vergroot de kans op genezing na behandeling en het verkleint de kans op verspreiding van mastitisverwekkers. Door de groei van bedrijven en de toename van het aantal robotbedrijven neemt het gebruik van sensoren in de melkveehouderij sterk toe. Voor het monitoren van de uiergezondheid en het opsporen van mastitiskoeien worden verschillende sensoren toegepast. Hoe betrouwbaar zijn deze sensoren en hoe gebruikt u ze in de praktijk?

Een belangrijke voordeel van mastitissensoren is dat u ze kunt gebruiken voor het opsporen van zowel zichtbare als niet zichtbare mastitis. Bij voorstralen beperken we ons tot het opsporen van zichtbare mastitis. Daarnaast meten sensoren objectief en frequent en kunnen de gegevens goed worden vastgelegd zodat het verloop van de infectie ook zichtbaar wordt. De vraag is wel hoe betrouwbaar de informatie van deze sensoren is. Het gaat hierbij niet alleen om de technische meting van de sensor, maar ook om de bruikbaarheid van de gemeten waarde voor het nemen van beslissingen. Het is belangrijk te weten dat mastitissensoren de afweerreactie die optreedt bij een uierinfectie meten en niet de daadwerkelijke uierinfectie. Uierinfecties vinden regelmatig plaats en kunnen bij een goede afweer door de koe zelf worden overwonnen. Bij vaak én nauwkeurig meten is de kans groot dat er signalen komen van nieuwe infecties waarbij niet altijd direct hoeft te worden ingegrepen. Anderzijds willen we natuurlijk ook niet te laat ingrijpen. In de praktijk worden op de attentielijsten voor mastitiskoeien meerdere sensoren gecombineerd waardoor de betrouwbaarheid groter wordt. We beschrijven de belangrijkste in-line-mastitissensoren kort voor u:

Geleidbaarheid

Wanneer door een ontsteking uierweefsel wordt beschadigd, kunnen natrium en chloor vanuit het bloed naar de melk stromen. Hierdoor wordt de melk zout. Dit zorgt voor een verhoogde elektrische geleidbaarheid. De geleidbaarheid wordt ook door andere factoren, zoals de temperatuur en het vetgehalte, beïnvloed. Daarom is het belangrijk de geleidbaarheid van kwartieren binnen een koe te vergelijken. Houd er rekening mee dat koeien met een langdurig verhoogd celgetal (chronische mastitis) niet altijd een verhoogde geleidbaarheid laten zien. Het koecelgetal blijft dus een belangrijk gegeven om deze chronisch geïnfecteerde dieren op te sporen. Het meten van de elektrische geleidbaarheid kan bovendien verstoord worden door vlokken in de melk of door een plotselinge daling in de melkgift. Tot slot hebben koeien met een mislukte aansluiting bij het robotmelken vaak tijdelijk een verhoogde geleidbaarheid zonder dat van mastitis sprake hoeft te zijn.

Kleur

Afwijkende melk kan ook met behulp van kleursensoren worden gemeten. Hoewel de kleurmeting technisch nauwkeurig is, lijkt het opsporen van mastitis op basis van uitsluitend een kleursensor niet erg betrouwbaar. Dit komt onder andere doordat de voeding van koeien van invloed kan zijn op de kleur van de melk. Voor het opsporen van bloed in de melk is de kleursensor wel veelbelovend.

Celgetal

Naast bacteriologisch onderzoek wordt het celgetal als gouden standaard gezien voor het aantonen van uierinfecties. Meerdere leveranciers van melkinstallaties bieden in-line-celgetalmeting per koe of per kwartier aan. De meting is over het algemeen betrouwbaar en de meetfrequentie is hoger dan bij de Melk Productie Registratie (MPR). De interpretatie van de gegevens is vanwege de grote hoeveelheid data en de dynamiek van mastitisinfecties niet altijd eenvoudig. Overleg met uw dierenarts.

Lactaatdehyrogenase

Het enzym lactaatdehydrogenase (LDH) is in alle lichaamscellen aanwezig. Bij mastitis zal het LDH-gehalte in de melk toenemen als gevolg van de uierontstekingsreactie die optreedt. LDH lijkt een goede indicator voor mastitis te zijn en wordt in een aantal diagnostische systemen toegepast.

Melkproductie

Melkproductieverlaging is in combinatie met andere mastitissensoren een goede indicator voor vroegdetectie van mastitis. Daarvoor is het wel noodzakelijk dat de melkproductiedaling nauwkeurig wordt gemeten en berekend.

Gedrag

Zowel op bedrijven met een melkstal als op bedrijven met een automatisch melksysteem worden in toenemende mate sensoren gebruikt voor het meten van gedrag. Deze sensoren kunnen wellicht ook gebruikt worden voor vroegdetectie van gezondheidsaandoeningen, zoals mastitis. Gedragsafwijkingen zijn niet altijd specifiek voor één aandoening. Bovendien hoeven de gedragsuitingen ten gevolge van één aandoening niet altijd hetzelfde te zijn. Een koe met een pijnlijk uier zal wellicht minder gaan liggen, terwijl een (zieke) koe met een andere acute ontsteking meer gaat liggen. Vooralsnog is er geen specifieke gedragsindicator die optimaal is om te gebruiken voor de vroegdetectie van uierontsteking.

Het is natuurlijk wel mogelijk om op basis van meerdere gedrags- én andere sensoren een attentielijst te maken van koeien die in de stal geïnspecteerd kunnen worden op gezondheidsklachten. Dit wordt op dit moment al toegepast. Met name herkauwtijd, vreettijd, activiteit en melkproductiedaling zijn interessante indicatoren waarmee u gezondheidsaandoeningen al in een vroeg stadium kunt opsporen. Met behulp van de dierenarts kan daarna in een vroegtijdig stadium een diagnose worden gesteld en worden behandeld. Dit vergroot de kans op genezing en verkleint de kans op financiële schade. Bovendien kunnen op koppelniveau bepaalde trends in gedragsveranderingen gebruikt worden voor structurele aanpassingen in het management, zodat uitbraken van aandoeningen in de toekomst voorkomen worden. 

Sensoren meten objectief en frequent én u kunt de gegevens goed vastleggen. Het is belangrijk dat sensoren technisch goed werken en dat de data daarna goed worden geïnterpreteerd. Het is de verwachting dat ontwikkelingen in sensortechnologie en de sensordata doorgaan, wat leidt tot steeds betere informatie en meldingen. Dit helpt de diergezondheid te verbeteren, omdat we sneller kunnen ingrijpen en het sneller duidelijk is welke maatregelen zinvol zijn om aandoeningen op een bedrijf in de toekomst te voorkomen.

 

Het opsporen van mastitiskoeien bij het robotmelken

Robotmelken neemt u natuurlijk werk uit handen, maar geeft ook inzicht in productiegegevens en de gezondheid van uw koeien. Voor het opsporen van mastitiskoeien kunnen we gebruik maken van de van de mastitisattentielijst van de melkrobot.

Lees meer over het opsporen van mastitiskoeien bij het robotmelken

 

Oude browser

We zien dat u gebruik maakt van een verouderde browser. Niet alle onderdelen van de website zullen daardoor goed functioneren. Download nu de laatste versie van uw browser om veilig te kunnen surfen.

GD maakt gebruik van cookies om onze website te analyseren en de functionaliteit te verbeteren. Meer info vind je in ons cookiebeleid.