Hoe meet je insulineresistentie/dysregulatie bij een paard?

Zoomfunctie

Moeite met het lezen van de tekst? Vrijwel alle populaire browsers geven u controle over hoe groot websites worden weergegeven.

  • Windows
    Mac OS
  • Zoom in
  • Zoom uit
  • Zoom 100%
  • Muiswiel op / neer

Bij het Equine Metabool Syndroom is er sprake van een verstoorde insulinehuishouding (insuline resistentie of correcter: insuline dysregulatie), daarnaast wordt EMS gekarakteriseerd door een abnormaal verdeelde vetopslag en een verhoogd risico op hoefbevangenheid. EMS wordt veroorzaakt door een combinatie van erfelijke aanleg en omgevingsfactoren (voeding en management). Vroegtijdig signaleren van EMS en diagnosticeren van insuline dysregulatie is voor paarden van groot belang om complicaties als hoefbevangenheid te voorkomen.

In 2018 heeft de internationale Equine Endocrinology Group (EEG) een update gepubliceerd met aanbevelingen voor diagnostiek en management van EMS. Daarnaast is bij GD recent een eigen onderzoek afgerond in een grote groep (privé gehouden) paarden. Op basis hiervan heeft GD, naast het EMS pakket dat al jaren gebruikt wordt als makkelijk toe te passen eerste screening voor in de praktijk, het OST pakket (via inzendformulier, of via digitaal inschrijven: product 11937 ; NaF + heparine) in het aanbod opgenomen. Paarden met een duidelijk verhoogde basale insulinewaarde (en eventueel glucosewaarde) in de uitslag van het EMS pakket, hebben met grote zekerheid insuline dysregulatie. De OST (Oral Sugar Test) echter is weliswaar bewerkelijker, maar ook gevoeliger voor het aantonen van insuline dysregulatie dan het meten van de basale insuline concentratie. 

In geval van basale insuline concentratie wordt bloed geprikt voor het meten van glucose en insulinewaarde bij een paard voordat hij/zij ’s morgens krachtvoer krijgt of het weiland ingaat (GD Pakket EMS (10287). Op basis van de gemeten glucose- en insulinegehaltes worden aanvullende parameters berekend (RISQI, MIRG en HOMA) die het mogelijk maken om iets te zeggen over de mate van insulineresistentie. De RISQI zegt iets over de gevoeligheid van de cellen voor insuline. Een verlaagde RISQI waarde geeft aan dat de cellen verminderd gevoelig zijn voor insuline. De MIRG is een indicatie voor de pancreasfunctie: als de glucose normaal is, maar de insuline verhoogd kan de pancreas blijkbaar door harder te  werken (en meer insuline af te scheiden) de glucose nog binnen de perken houden. Een afwijkende MIRG waarde geeft dan dus aan dat er sprake is van een gecompenseerde insuline-resistentie. De HOMA is een maat voor de verhouding glucose/insuline: hoe hoger de HOMA is, des te groter de kans dat er sprake is van insulineresistentie/dysregulatie. Ter illustratie: als bijvoorbeeld de insuline en glucosewaardes nog normaal zijn maar wel beiden tegen de bovengrens van het referentiegebied aan zitten, kan het dat de HOMA al wel te hoog is. Dit geeft dan aan dat er een verhoogd risico is dat zich insulineresistentie/dysregulatie aan het ontwikkelen is. Als zowel de insuline- als de glucose waarde verhoogd zijn, is er inmiddels sprake van niet-gecompenseerde insulineresistentie.

Instructie voor inzending van het EMS pakket

OST test

Zoals aangegeven is een OST test gevoeliger voor het aantonen van insuline dysregulatie dan het meten van de basale insuline concentratie. De OST is een dynamische test waarbij de insulinerespons op een orale dosis koolhydraten (in dit geval KARO light syrup) wordt gemeten. Dit bootst een natuurlijk voorkomend verloop van de insulinerespons na zoals die optreedt na het eten van (veel) krachtvoer of voedzaam gras. De glucose bepaling in het OST pakket dient ter controle of het paard de siroop daadwerkelijk binnen gekregen èn opgenomen heeft. 

Er zijn meerdere manieren waarop een OST kan worden uitgevoerd, een voorbeeld hiervan is het volgende protocol op basis van de bovengenoemde recommendations van de EEG 2018 en het eigen onderzoek van GD:

 
  • Het paard mag gedurende ca. 8 uur voor het uitvoeren van de test geen krachtvoer of gras krijgen, ca. 2 uur voor de test wordt ook ruwvoer (hooi/kuil) uit de stal gehaald.
  • Geef het paard met een ingeefspuit 0.45 ml/kg lichaamsgewicht Karo light siroop (VDGEB089; te bestellen in de GD webshop), of laat de eigenaar dit doen indien dit betrouwbaar mogelijk is.
  • Prik op 75 minuten na het ingeven van de siroop een bloedmonster (heparinebuis & NaF buis) voor het bepalen van de glucose en insulinewaarde. 
  • De interpretatie van de uitslag is in dit geval als volgt:
    Insuline waarde ≥ 40 mU/L: uitslag wijst op insulineresistentie/dysregulatie. 
    Glucosewaarde 4.5 mmol/l of lager: mogelijk heeft het paard de toegediende suikeroplossing niet (volledig) binnengekregen of opgenomen.
  • N.B.: Gezien de gegevens vanuit de literatuur en de bevindingen uit ons eigen onderzoek is dit een veilige procedure.

Instructie voor inzending van het OST pakket

Het voorjaar is een extra risicotijd voor paarden met insuline dysregulatie! Lees hier waarom.

 Diagnostiek EMS nieuwe ontwikkelingen

Instructieformulieren

EMS pakket 

OST pakket

Oude browser

We zien dat u gebruik maakt van een verouderde browser. Niet alle onderdelen van de website zullen daardoor goed functioneren. Download nu de laatste versie van uw browser om veilig te kunnen surfen.

GD maakt gebruik van cookies om onze website te analyseren en de functionaliteit te verbeteren. Meer info vind je in ons cookiebeleid.