Monitoren mineralen bij de geit

Zoomfunctie

Moeite met het lezen van de tekst? Vrijwel alle populaire browsers geven u controle over hoe groot websites worden weergegeven.

  • Windows
    Mac OS
  • Zoom in
  • Zoom uit
  • Zoom 100%
  • Muiswiel op / neer

De belangrijkste mineralen bij de geit zijn:

Bij een vermoeden van een mineralendisbalans adviseren wij om naar deze mineralen onderzoek te doen. Omdat zwavel, ijzer, molybdeen, zink en cadmium de benutting van koper kunnen beïnvloeden is bij een vermoedelijke koperdisbalans informatie over deze mineralen ook wezenlijk. Dit maakt de diagnose van een koperdisbalans complex. 


De koperbehoefte van een dier is van verschillende factoren afhankelijk zoals bijvoorbeeld ras, leeftijd, groeisnelheid, stadium van de dracht en bij lacterende dieren van de melkproductie. Bij lacterende dieren wordt koper in de melk uitgescheiden. Een dalend of te laag kopergehalte in de melk is een goede indicator voor een tekort aan koper in het rantsoen of voor een overmaat aan stoffen die de koperbenutting negatief beïnvloeden. Een overmaat aan koper wordt niet uitgescheiden in de melk maar opgeslagen in de lever. 


Bij problemen

Bij een probleem of een vermoeden van een mineralenprobleem adviseren wij om van minimaal vijf dieren in de groep met problemen de volgende bloedonderzoeken uit te laten voeren: pakket spoorelementen uitgebreid (heparine); (koper, selenium, zink, jodium).


De uitslag geeft informatie over de actuele situatie met betrekking tot deze mineralen. 


Bij lacterende dieren kunnen ook melkmonsters worden onderzocht op koper, selenium, zink en jodium. Dit kan plaatsvinden in individuele melkmonsters, in gepoolde melkmonsters en in tankmelkmonsters.


Naast een beeld van de actuele mineralensituatie is een beeld van de mineralensituatie op langere termijn wenselijk. Hiervoor is onderzoek van de lever in eerste instantie geschikt. Onderzoek van de lever van gestorven of geslachte dieren levert een goede indicatie op voor de voorraad aan spoorelementen en is daarmee een afspiegeling van de opname en benutting via het rantsoen en drinkwater in minimaal de laatste vier tot acht weken. De seleniumvoorraad bevindt zich niet alleen in de lever maar ook in de rode en witte bloedcellen en kan bepaald worden aan de hand van het enzym GSH-Px waarin selenium is ingebouwd. De voorraad jodium zit in de schildklier.

Monitoren bij geen problemen

mineralen geit afbeelding

De veehouder die geen problemen ziet bij zijn dieren maar toch wil weten hoe het staat met de mineralenvoorziening van zijn dieren heeft een aantal mogelijkheden die per mineraal kunnen verschillen.

Dé Mineralencheck

Met dé Mineralencheck krijgt u inzicht in de koper-, selenium-, zink- en jodiumvoorziening van uw dieren op koppelniveau. Door twee tot zes keer per jaar deze tankmelkbepaling uit te laten voeren weet u of u teveel of te weinig mineralen voert. 

Koper

Om de kopervoorziening te monitoren kunt u starten met bloedonderzoek van vijf geiten per groep, een maand voor toelating tot de bok. Rond honderd dagen dracht is het wenselijk om dezelfde dieren opnieuw te onderzoeken. Op basis van de resultaten van beide onderzoeken kunnen eventueel vervolgstappen worden genomen.
Genoemde tijdstippen om te monitoren hebben te maken met het volgende:
- Een onvoldoende kopervoorziening kan een negatieve invloed hebben op de vruchtbaarheid. Onderzoek vóór de dekperiode geeft de mogelijkheden om tekorten tijdig op te heffen.
- Een onvoldoende kopervoorziening kan een negatieve invloed hebben op de zich ontwikkelende vruchten en die problemen ontstaan vooral door een tekort tussen de honderdste en honderdtwintigste dag van de dracht. Onderzoek rond die periode geeft de mogelijkheid om tekorten tijdig op te heffen.
Bij lacterende dieren kan monitoren ook plaatsvinden in melk.
Bij opgroeiende lammeren kan het zinvol zijn om de kopervoorziening te meten door bloedonderzoek uit te voeren tijdens de opfok.
Onderzoek van de lever van gestorven of geslachte dieren levert een goede indicatie op voor de voorraad aan koper en andere spoorelementen en is daarmee een afspiegeling van de opname en benutting via het rantsoen en drinkwater in minimaal de laatste vier tot acht weken. 

Selenium

Om de seleniumvoorziening te monitoren kunt u starten met bloedonderzoek van vijf geiten of vijf lammeren per groep. Voor de geiten kan dit plaatsvinden tegelijk met het koperonderzoek rond honderd dagen dracht. Voor lammeren kan dit plaatsvinden tijdens de opfokperiode. Op basis van de resultaten van deze onderzoeken kunnen eventueel vervolgstappen worden genomen.
Bij lacterende dieren kan monitoren ook plaatsvinden in melk.
Onderzoek van de lever van gestorven of geslachte dieren levert een goede indicatie op voor de voorraad aan spoorelementen en is daarmee een afspiegeling van de opname en benutting via het rantsoen en drinkwater in minimaal de laatste vier tot acht weken. 
De seleniumvoorraad bevindt zich ook in de rode en witte bloedcellen en kan bepaald worden aan de hand van het enzym GSH-Px waarin selenium is ingebouwd. 

Oude browser

We zien dat u gebruik maakt van een verouderde browser. Niet alle onderdelen van de website zullen daardoor goed functioneren. Download nu de laatste versie van uw browser om veilig te kunnen surfen.

GD maakt gebruik van cookies om onze website te analyseren en de functionaliteit te verbeteren. Meer info vind je in ons cookiebeleid.