Belang van inzicht in heterogeniteit lymfoom

Zoomfunctie

Moeite met het lezen van de tekst? Vrijwel alle populaire browsers geven u controle over hoe groot websites worden weergegeven.

  • Windows
    Mac OS
  • Zoom in
  • Zoom uit
  • Zoom 100%
  • Muiswiel op / neer

Diersoorten

Belang van inzicht in heterogeniteit lymfoom

23-2-2016:  Het Oncologisch Treffen, is een internationaal gerespecteerd congres over de veterinaire oncologie. 

Dit jaar stond dit congres in het teken van The Big Five; de vijf meest voorkomende vormen van kanker bij gezelschapsdieren: het maligne lymfoom, het orale plaveiselcelcarcinoom, het mastocytoom, het melanoom en mamma tumoren. 

GD pathologen dr. Evert van Garderen en dr. Nadine Meertens verzorgden lezingen over lymfomen en orale plaveiselcelcarcinomen. Evert van Garderen gaf inzicht in de heterogeniteit van lymfomen. Duidelijk werd dat deze heterogeniteit de basis vormt voor diagnostiek en behandeling. 

GD diagnosticeert lymfomen volgens het WHO-classificatie systeem (Valli, 2002, Valli, 2011). Met dit classificatie systeem worden maar liefst 37 subtypes lymfomen onderscheiden. Gelukkig wordt 80 procent van de lymfomen bij honden veroorzaakt door slechts zes hoogprevalente subtypes: diffuse large B-cell lymphoma, Burkitt-type lymphoma, marginal zone lymphoma, T-zone lymphoma, precursor T-cell lymphoblastic lymphoma, peripheral T-cell lymphoma, not otherwise specified. De prognoses van deze subtypes variëren van vijftien dagen ondanks behandeling (Burkitt-type lymphoma) tot drie jaar dankzij behandeling (T-zone lymphoma). Het marginal zone lymphoma, gekenmerkt door een mediane overlevingstermijn van 22 maanden met de daarvoor geëigende therapie en het T-zone lymphoma, mediane overlevingstermijn van 33 maanden, zijn dus beiden laaggradig met een indolent klinisch verloop. De overlevingstermijn van de andere vier subtypes is met 15 dagen tot 17 maanden aanzienlijk korter. 

Deze heterogeniteit in overleving, betekent dan ook dat histologische identificatie van het subtype van het grootste belang is voor de behandelend dierenarts en de eigenaar van het dier. Histologisch onderzoek van lymfomen vraagt echter het nemen van histologische biopten. Dit betekent dan ook dat er een gemeenschappelijk inspanning nodig is van zowel de clinicus als de patholoog om een lymfoom door middel van histologisch en immunohistochemisch onderzoek in te delen in een van de subtypes.

Wilt u meer weten over deze subtypering of wilt u meer weten over de cytologische en histopathologische diagnostiek bij gezelschapsdieren, neem dan contact op met GD via 0900-1770 of info@gddiergezondheid.nl.



Oude browser

We zien dat u gebruik maakt van een verouderde browser. Niet alle onderdelen van de website zullen daardoor goed functioneren. Download nu de laatste versie van uw browser om veilig te kunnen surfen.

GD maakt gebruik van cookies om onze website te analyseren en de functionaliteit te verbeteren. Meer info vind je in ons cookiebeleid.