Zoomfunctie

Moeite met het lezen van de tekst? Vrijwel alle populaire browsers geven u controle over hoe groot websites worden weergegeven.

  • Windows
    Mac OS
  • Zoom in
  • Zoom uit
  • Zoom 100%
  • Muiswiel op / neer

Diersoorten

Graslandbeheer

16-7-2013:  Veilig land is weiland dat zo min mogelijk met wormen besmet is. Niet iedereen kan over dergelijk schoon land beschikken. Toch is het goed om te weten wat veilig land inhoudt.
  • Nieuw ingezaaid grasland.
  • Land dat een jaar niet is beweid door schapen of geiten.
  • In het voorjaar land dat in datzelfde jaar niet is beweid door schapen of geiten.
  • In de zomer en herfst, land waar minimaal drie maanden geen schapen of geiten hebben gelopen.

Graslandbeheer bij voldoende weidepercelen

Maak aan het eind van het jaar al een planning voor het volgende jaar. 

  • Zorg dat de percelen waarop de schapen met lammeren in het voorjaar naar buiten gaan, in de herfst het eerst kaal zijn. Gun de percelen dan zo lang mogelijk rust.
  • Laat de schapen vanaf 1 april naar buiten. 
  • Laat de geiten pas laat in het voorjaar (eind mei) naar buiten. De wei kan geïnfecteerd zijn door de wormsoorten Teladorsagia circumcincta en de Trichostrongylus. Eind mei is het risico op overwintering van deze infectie sterk gereduceerd.
  • Probeer de dieren in mei en juni om de drie weken te verweiden naar percelen waar minimaal drie maanden geen geiten of schapen hebben gelopen. 
  • Verweid ze van 1 juli tot 1 september om de twee weken. Dit beperkt de opname van infectieuze larven zoveel mogelijk. 
  • Noteer wat u wanneer met uw grasland heeft gedaan. U kunt hiervoor de bijgesloten Graslandkalender gebruiken. 
  • Houdt u geiten en schapen op één locatie? Registreer dan zowel het weiden van de geiten als van de schapen.

NB1: Het voeren van vers gras afkomstig van percelen waar minder dan drie maanden daarvoor nog schapen of geiten hebben gelopen, kan ook tot een wormbesmetting leiden.

NB2: Bij schapen kunnen verschillende wormen van de soort Nematodirus (N. barrus, N. filicollis en N. spatiger)  voor problemen zorgen. In dat geval moet u proberen de lammeren elk jaar op een ander perceel naar buiten te brengen.

Graslandbeheer bij beperkte weidepercelen

Heeft u alleen een standweide? Deel dan de beschikbare weide op in twee of drie stukjes.

  • Zorg er voor dat de schapen of geiten direct bij de schuur een uitloop zonder gras hebben. 
  • In deze schuur met uitloop houdt u eerst de drachtige dieren en later de ooien of geiten met lammetjes drie maanden per jaar.
  • Direct na het aflammeren ontwormt u de volwassen dieren. 
  • Als de lammeren drie weken oud zijn, brengt u de ooien of geiten met lammeren naar perceel één. Drie weken later verhuist u ze naar perceel twee en nog weer drie weken later komen ze op perceel drie. Daarna komen ze terug op een weide waar dat jaar al eerder ooien of geiten met lammeren hebben gelopen.
  • Vier weken na aankomst op dit laatste perceel laat u een mestonderzoek doen van de lammeren (mengmonster). 
  • Op basis van de uitkomsten van dit mestonderzoek beslist u of u de lammeren wel of niet behandelt.
  • Afhankelijk van de besmettingsdruk en het gebruikte wormmiddel doet u vervolgens tot eind oktober een aantal keren tot één keer per maand mestonderzoek bij de lammeren.

Oude browser

We zien dat u gebruik maakt van een verouderde browser. Niet alle onderdelen van de website zullen daardoor goed functioneren. Download nu de laatste versie van uw browser om veilig te kunnen surfen.