Informatie over Botulisme

Zoomfunctie

Moeite met het lezen van de tekst? Vrijwel alle populaire browsers geven u controle over hoe groot websites worden weergegeven.

  • Windows
    Mac OS
  • Zoom in
  • Zoom uit
  • Zoom 100%
  • Muiswiel op / neer

Informatie over Botulisme

Botulisme wordt veroorzaakt door toxinen (= gifstoffen) die worden geproduceerd door de bacterie Clostridium botulinum. Verlammingsverschijnselen van het voorste deel van het maagdarmkanaal (tong en keel) en/of van de achterhand zijn bij het rund de belangrijkste symptomen. Vooral in warme zomers komt botulisme vaak voor bij (water)vogels. Runderen krijgen de bacteriën en de toxinen binnen via voer (of drinkwater) waarin besmette kadavers aanwezig zijn. De laatste decennia lijken echter toch vooral pluimveebedrijven in de buurt van rundveebedrijven de belangrijkste bron van besmetting te zijn.

Direct naar:

Verschijnselen

Koeien met botulisme hebben een slappe staart (parese/paralyse), kunnen soms niet of slecht overeind komen en lopen stijf. Verschijnselen die lijken op de verschijnselen van melkziekte en kopziekte. Koeien liggen met de kop in de flank en herkauwen niet, of liggen helemaal plat, ook zonder opname van vocht of voer. In een verder gevorderd stadium en/of afhankelijk van het type toxine nemen de dieren soms ook het voer slecht op, omdat ze dus niet goed kunnen slikken. Het ziekteverloop is afhankelijk van de hoeveelheid toxinen die zijn opgenomen, maar in veel gevallen (80-90%) zal het dier sterven door verlamming van de ademhalingsspieren.

Oorzaak

Botulisme wordt veroorzaakt door toxinen die worden geproduceerd door een bacterie: Clostridium botulinum. Deze bacterie produceert een zeer krachtige en snelwerkende gifstof. Botulisme is dus een ernstige toxico-besmetting. Er kan eigenlijk niet worden gesproken van één bacterie, want er zijn zeven verschillende typen Clostridium botulinum. Elk van deze typen produceert een ander type toxine. Deze typen worden aangeduid met de letters A tot en met G. Het rund is erg gevoelig voor de gifstoffen van type C (afkomstig van watervogels) en D (afkomstig van pluimvee); vogels gevoelig zijn voor type C, maar minder gevoelig voor type D. Clostridium botulinum komt algemeen in de bodem voor. De bacterie is een sporenvormer, daardoor is hij goed beschermd tegen temperatuursinvloeden en verschillende desinfectiemiddelen. De bacterie kan daardoor zeer lang in besmette hokken en in de aarde overleven. De toxinen kunnen maandenlang in kadaverresten aanwezig blijven, pluimvee is drager van Cl. botulinum, type D.

Besmettingsroute

Toxinen van Clostridium botulinum hopen zich in grote hoeveelheden op in kadavers, van bijvoorbeeld besmet wild of pluimvee. Runderen krijgen de bacteriën en de toxinen binnen via opname van besmet voer. De toxinen worden door de maag en de dunne darm opgenomen en via het bloed en zenuwbanen verspreid. De opname van 1 gram kadavermateriaal dat besmet is met de toxine, kan voor een volwassen rund al fataal zijn. De toxinen komen terecht in de zenuwbanen in het lichaam en verhinderen daar het op de zenuwplaatjes het overbrengen van de zenuwprikkels. Het gevolg is dat het dier meer of minder ernstig verlamd raakt en kan sterven.

Bij risicofactoren leest u hoe runderen in contact kunnen komen met besmet materiaal.

Schade

Botulisme bij runderen komt niet vaak voor (geschat op ± 10-15 bedrijven per jaar), maar als het voorkomt is de schade op het getroffen bedrijf vaak aanzienlijk. Besmette runderen sterven in de meeste gevallen.

Terug naar het begin van dit artikel

Diagnose van Botulisme


Voor het aantonen van botulisme was het aantonen van de toxinen in het bloed of in de organen van het dier van belang. Thans is het aantonen van de botulisme bacterie middels de PCR bij Wageningen Bioveterinary Research (WBVR) uit pensvloeistof of de inwendige organen (na sectie) voldoende voor de diagnose botulisme. De jarenlang uitgevoerde muizenproef is echt bewijzend, maar wordt om ethische redenen slechts bij uitzondering en op kosten van de aanvrager nog uitgevoerd. Wordt de diagnose botulisme gesteld bij een dier, dan is het van belang de besmettingsbron (kadavermateriaal) op het bedrijf op te sporen (zie flowschema)

 

Risicofactoren voor Botulisme


Pluimveekadaverresten en kadavers van watervogels zijn de grootste besmettingsbronnen van botulisme bij runderen. 

Pluimveemest

Runderen kunnen op de volgende manieren in aanraking komen met (besmette kadavers en dus toxine in) pluimveemest:

  • besmette pluimveemest wordt gebruikt als bodembedekking/strooisel in runderstallen. Runderen kunnen kadaverresten opnemen;
  • besmette pluimveemest met kadaverresten wordt gebruikt als graslandbemesting of waar vogels of prooidieren mee gaan slepen door weilanden. Runderen nemen tijdens het grazen kadaverresten met toxinen op of komen in aanraking met de toxinen als het gras tot (voordroog)kuil of tot hooi is verwerkt; in de weide heeft het vooral aantrekking op nieuwsgierige vaarzen met vaak een fatale afloop
  • besmette pluimveemest wordt op een grasland- of bouwlandkavel opgeslagen. Vogels, zoals kraaien en eksters, kunnen kadavermateriaal uit de mesthoop halen en verspreiden over de omgevingtot vele kilometers afstand. Op deze wijze, en dus via bijv. vossen kunnen kadavers met toxinen in het grasland terechtkomen waar runderen grazen. 

Wildkadavers

Het botulisme toxine wordt gemaakt door een bacterie die groeit in eiwitrijk materiaal waar geen zuurstof bij kan, zoals in kadavers. Deze omstandigheden kunnen dus ontstaan in dood wild. Zorg daarom dat kadavers van wild van het land (en uit de waterbakken (eekhoorns e.d.)) worden verwijderd en begraven en niet in kuilgras terechtkomen.

In de zomer, bij heel warm weer, is er meer kans op botulisme in oppervlaktewater. Dit kan massale sterfte opleveren onder watervogels. Runderen kunnen dan ook via het oppervlaktewater in contact komen met botulisme. Bijvoorbeeld als het water als drinkwater wordt gebruikt. Wees daarom bij hoge temperaturen voorzichtig bij het gebruik van oppervlaktewater voor uw runderen. Kadavers dienen te allen tijde (zeker voor en na het maaien) uit het land te worden verwijderd en begraven.

Terug naar het begin van dit artikel

Aanpak van Botulisme


Er zijn geen medicijnen tegen botulisme. De aanpak van botulisme bestaat uit preventieve maatregelen. Runderen die in aanraking komen met slootwater of kadavers kunnen preventief worden gevaccineerd tegen botulisme. Pluimvee is een belangrijke besmettingsbron. Laat runderen daarom niet in contact komen met (besmette) pluimvee(mest). Dit houdt in: geen pluimveestrooisel gebruiken in runderstallen; geen pluimveemest strooien op grasland; sla geen pluimveemest onafgedekt op, op of in de buurt van grasland; de botulisme-bacterie kan voorkomen in wildkadavers. Verwijder daarom wildkadavers altijd uit het grasland; in warme zomers kan botulisme explosieve sterfte onder watervogels veroorzaken. Ziet u in de zomer veel dode watervogels, meld dit dan aan het waterschap. Zij laten de dieren onderzoeken; gebruik oppervlaktewater met dode vogels niet voor beregening voordat uitgesloten is dat er sprake is van botulisme; wees alert bij gebruik van oppervlaktewater als drinkwater.

Vaccinatie 

Bij een uitbraak van botulisme onder rundvee wordt geadviseerd om zo snel mogelijk alle dieren te vaccineren die (mogelijk) zijn blootgesteld aan botulinum toxines. Hiervoor kan gebruik worden gemaakt van een vaccin met buitenlandse registratie. Het valt daarmee onder de cascaderegeling diergeneesmiddelen (art. 22, lid 1 van het Diergeneesmiddelenbesluit). Dit betekent dat het alleen door dierenartsen mag worden toegepast en uitsluitend in uitzonderlijke omstandigheden onder voorwaarde dat sprake is van diergeneeskundige noodzaak.
Het vaccin bevat type C en D toxoïd, de meest voorkomende types bij rundvee. Geadviseerd wordt om de dieren tweemaal te vaccineren met 6 weken tussentijd. Eventueel kan jaarlijkse hervaccinatie worden overwogen. Afhankelijk van de situatie kan worden besloten welke (groepen) van dieren worden gevaccineerd en hoe vaak. Dit valt onder de verantwoordelijkheid van de behandelend dierenarts en is aan hem/haar om te beoordelen. Eventueel kan advies worden gevraagd bij WBVR (Mw Koene) en/of GD Veekijker.
WBVR heeft jarenlang voorzien in de behoefte voor de leveringen van een botulismevaccin in Nederland, o.a. via import uit Zuid-Afrika en in het verleden uit andere landen onder de speciale ‘Cascade Regeling’. Per 15 juli 2015 is de distributie van het vaccin overgenomen door Kernfarm (www.kernfarm.com). Kernfarm is een GMP gecertificeerde veterinaire groothandel met een internationaal handel-, distributie- en registratie netwerk. Momenteel onderzoekt Kernfarm bij European Medicine Agency (EMA) en Central Bureau Geneesmiddelen (CBG) de mogelijkheden voor een (Europese) registratie van dit vaccin.
Voor bestellingen kunt u contact opnemen met de heer H.B.T. van Rijn van Kernfarm (24 u - 7 dagen per week).
 
Entschema:
  • Door de koppelgenoten eenmalig te vaccineren met vaccin tegen type C/D, worden na 7 dagen geen nieuwe zieke dieren meer gezien door de vorming van antitoxine door het dier zelf.
  • Na tweemalige vaccinatie hebben de dieren een goede weerstand.
  • Indien de kans op bedrijven verhoogd is - door bv. het uitrijden op het land van pluimveemest - valt jaarlijkse vaccinatie te overwegen.
    Hopen opgeslagen pluimvee mest dienen door de eigenaar te worden afgedekt om versleping van de erin aanwezige kadavers door aaseters te voorkomen.

Therapie:

  • Een therapie is niet mogelijk.
  • Er bestaat antiserum, maar de werkzaamheid hiervan is twijfelachtig (persoonlijke mededeling WBVR: F. van Zijderveld).
  • Overwogen kan worden de dieren te laxeren omdat de pens als 'voorraadvat' functioneert en het toxine in de darm wordt opgenomen.
  • Verder bestaat de behandeling uit ondersteuning van het dier.
  • De kans op herstel van liggende dieren is klein (< 10%).  
  • Dieren die de infectie langer dan 3 weken hebben overleefd, bevatten geen toxine meer.
  • In de melk van zieke dieren is nooit toxine aangetoond.
  • De veehouder mag echter geen melk van zieke dieren leveren (leveringsvoorwaarden melkcoöperatie).
  • verminderen financiële schade voor veehouder:
    • De schade door uitval van dieren kan enorm zijn (zeker op bedrijven met een voermengwagen).
    • Indien de veehouder een calamiteiten verzekering heeft, moeten de problemen zo snel mogelijk bij de verzekering worden gemeld (verzekerings voorwaarden, pas vanaf het moment van melden is er eventueel dekking van de schade).
    • Doordat de melk van zieke dieren niet geleverd mag worden en dieren niet geslacht kunnen worden, valt een (groot) deel van de inkomsten weg.
    • Het is verstandig als de veehouder contact op neemt met zijn Standsorganisatie om mogelijkheden tot beperking van financiële vervolg schade te bekijken.

Preventief:

  • Bij een botulisme verdenking moet het rantsoen worden gewijzigd en het water worden gecontroleerd (leidingwater geven).
  • Na het voorkomen van verdere toxine opname, kunnen nog gedurende 14-21 dagen nieuwe zieke dieren optreden. 
    Van botulisme verdachte dieren mogen niet ter slachting worden aangeboden (keuringsregulatief).
  • Runderen die in aanraking komen met slootwater of kadavers kunnen wel preventief worden gevaccineerd tegen botulisme
  • Pluimvee is een belangrijke besmettingsbron.
    • Laat runderen daarom niet in contact komen met (besmette) pluimvee(mest).
    • Dit houdt in: geen pluimveestrooisel gebruiken in runderstallen; geen pluimveemest uitrijden op grasland; sla geen pluimveemest onafgedekt op.
    • Verwijder wildkadavers altijd uit het grasland; in warme zomers kan botulisme explosieve sterfte onder watervogels veroorzaken;

Oude browser

We zien dat u gebruik maakt van een verouderde browser. Niet alle onderdelen van de website zullen daardoor goed functioneren. Download nu de laatste versie van uw browser om veilig te kunnen surfen.

GD maakt gebruik van cookies om onze website te analyseren en de functionaliteit te verbeteren. Meer info vind je in ons cookiebeleid.