Colistine niet altijd effectief tegen E. coli

Zoomfunctie

Moeite met het lezen van de tekst? Vrijwel alle populaire browsers geven u controle over hoe groot websites worden weergegeven.

  • Windows
    Mac OS
  • Zoom in
  • Zoom uit
  • Zoom 100%
  • Muiswiel op / neer

Diersoorten

Colistine niet altijd effectief tegen E. coli

22-11-2021: 

Bij problemen met E. coli, grijpen pluimveehouders en -dierenartsen nog relatief vaak naar het antibioticum colistine. De effectiviteit daarvan valt echter tegen, zo blijkt uit onderzoek dat de Gezondheidsdienst voor Dieren (GD) samen met de Veterinaire Monitoring Pluimvee (VMP) deden. Het onderzoek is uitgevoerd op verzoek van de AVINED-werkgroep antibiotica leg. In ongeveer de helft van de gevallen waarbij colistine is ingezet, blijft het ziektebeeld aanwezig, of komt het weer terug.

Ondanks de indrukwekkende vermindering van het antibioticumgebruik in de pluimveesector, is het colistinegebruik in Nederland is nog te hoog volgens de normen van de Europese Unie. Bij leghennen werd in 2020 slechts 1.67 DDDAS aan antibioticum gebruikt, daarvan was 1.06 DDDAS colistine. Daarom zijn GD samen met pluimveedierenartsen van de VMP een project gestart waarbij we het gebruik van colistine onder de loep hebben genomen.

E. coli meest voorkomende infectie

Hieruit blijkt dat het gebruik van het middel zeker niet altijd tot verbetering leidt. Ziekte door infectie met de E. coli bacterie is een van de meest voorkomende infecties bij leggende hennen. In deel van de gevallen is het nodig om een behandeling in te stellen om de schade en aantasting van het welzijn te beperken. Dierenartsen schrijven dan onder andere colistine voor bij een ernstig verloop van een E. coli-uitbraak en een verminderd dierenwelzijn. Vaak in combinatie met andere maatregelen, zoals de verbetering van het stalklimaat, het aanscherpen van hygiëne en bijvoorbeeld het aanzuren van het drinkwater.

Effectiviteit colistine niet heel groot

Maar de koppels die colistine krijgen, worden niet altijd beter. In bijna de helft van de gevallen blijft het ziektebeeld aanwezig, of komt het later weer terug. De effectiviteit blijkt dus niet heel groot.

Advies: focus op risicofactoren en brede aanpak

Het advies is dan ook om te focussen op risicofactoren en een brede aanpak. Rob Vriens, pluimveedierenarts en voorzitter van de VMP, denkt dat de grootste winst te behalen is met verbetering van het stalklimaat. “Een te groot temperatuurverschil tussen dag en nacht, te veel en te hard ventileren of juist te weinig, kunnen een kip uit balans brengen waardoor E. coli toe kan slaan”, zegt hij tegen Boerderij. Ook sluimerende uitval en hennen die al over de helft van de productieperiode zijn hebben niet veel baat bij een colistinebehandeling, zegt Vriens. Zijn advies is om het volgende koppel te vaccineren met een (staleigen) vaccin.

Jeanine Wiegel, GD-dierenarts: “Zet antibiotica pas in als je alles hebt gedaan om te voorkomen dat de kippen ziek worden. Pas als alle omstandigheden goed zijn en er geen andere opties zijn.”

Oude browser

We zien dat u gebruik maakt van een verouderde browser. Niet alle onderdelen van de website zullen daardoor goed functioneren. Download nu de laatste versie van uw browser om veilig te kunnen surfen.

GD maakt gebruik van cookies om onze website te analyseren en de functionaliteit te verbeteren. Meer info vind je in ons cookiebeleid.