Zoomfunctie

Moeite met het lezen van de tekst? Vrijwel alle populaire browsers geven u controle over hoe groot websites worden weergegeven.

  • Windows
    Mac OS
  • Zoom in
  • Zoom uit
  • Zoom 100%
  • Muiswiel op / neer
Samen werken aan diergezondheid

Het behandelen van klinische mastitisgevallen kost veel tijd en verstoort daardoor het werkritme. Bovendien is het erg frustrerend wanneer er ondanks (gerichte) behandeling elke maand weer nieuwe mastitisgevallen bij komen. Met preventieve maatregelen en een goede bewaking van de kengetallen kunt u mastitisuitbraken voorkomen. 

Probeer voor uw (preventieve) maatregelen vaste dag-, week- en maandschema’s aan te houden en leg de maatregelen, zeker bij vreemd personeel, vast in een standaard werkwijze. Dit is eenvoudig, efficiënt en duidelijk. Opschrijven wat u doet en dit vastleggen in een protocol geeft u houvast om het de volgende keer op dezelfde manier te doen. Zo kunt u na een bepaalde periode evalueren of de werkwijze effectief is.

Kengetallen controleren

Daarnaast is het belangrijk regelmatig de uiergezondheidskengetallen te controleren en deze te vergelijken met de doelstelling. Indien tijdig wordt geconstateerd dat er een mastitisprobleem in de koppel ontstaat, kan het management in een vroeg stadium en nog vaak betrekkelijk eenvoudig worden bijgestuurd voordat het uit de hand loopt.

Indien bij het controleren van de kengetallen het doel wordt bereikt, kunt u de doelstelling aanscherpen en de lat hoger leggen. Als het beoogde doel niet haalbaar blijkt, is het belangrijk te analyseren waarom het gestelde doel niet werd bereikt. Let in de analyse vooral op de nieuwe infecties. In welk lactatiestadium ontstaan deze en bij welke dieren? Deze informatie helpt u bij het opsporen van de oorzaken. 

De cijfers van de droogstands-evaluatie kunnen u ook informatie geven over de nieuwe gevallen na het afkalven en de genezing in de droogstand. Indien er veel nieuwe gevallen ontstaan na de droogstand is het raadzaam goed naar het droogstandmanagement te kijken. 

Wanneer is de uiergezondheid goed? 

In de eerste plaats bepaalt de veehouder dat natuurlijk zelf. De één zal een tankmelkcelgetal van 200.000 cellen per milliliter acceptabel vinden terwijl een ander niet boven de 100.000 cellen per milliliter wil uitkomen. Meer dan vijfentwintig gevallen van klinische mastitis per 100 koeien per jaar of een tankmelkcelgetal van boven de 200.000 cellen per milliliter is te hoog. In onderstaande tabel staan de normwaarden rondom uiergezondheid die het UGA-team adviseert. Het streven is om op termijn deze normwaarden (of lager)  te bereiken, dus neem deze ook mee in de doelstellingen die u voor uw bedrijf heeft.

De normwaarden voor een goede uiergezondheid:

Klinische mastitis  minder dan 15%  
Gemiddeld celgetal   minder dan 150.000 cellen/ml  
Aantal dieren met een verhoogd celgetal  minder dan 10% 
Aantal dieren met een nieuw verhoogd celgetal  minder dan 6% 
Afvoer in verband met uiergezondheid of speenproblemen  minder dan 5% 
Herhalingsgevallen  minder dan 10%  
Aantal speenbetrappingen  minder dan 2% 
Nieuwe infecties in droogstand (celgetal laag in en hoog uit)   minder dan 10% 
Genezing in droogstand (celgetal hoog in en laag uit)   meer dan 80%  

Ook sensordata zoals (herkauw)activiteit, vreettijd en melkproductie kunnen vroegtijdig aangeven of er problemen kunnen ontstaan. Naast het controleren van de kengetallen kunt u met Mastitis Tankmelk ook de veroorzakende mastitisverwekkers en hun gevoeligheid voor antibiotica monitoren. Daarnaast geeft het waardevolle informatie om de melk hygiëne te monitoren. De aanwezigheid van omgevings- of koegebonden mastitisverwekkers geven informatie over mogelijke oorzaken.

Lees meer over uiergezondheid

Lees meer over onze uiergezondheidsaanpak van GD

uga

Oude browser

We zien dat u gebruik maakt van een verouderde browser. Niet alle onderdelen van de website zullen daardoor goed functioneren. Download nu de laatste versie van uw browser om veilig te kunnen surfen.