Zoomfunctie

Moeite met het lezen van de tekst? Vrijwel alle populaire browsers geven u controle over hoe groot websites worden weergegeven.
  • Windows
    Mac OS
  • Zoom in
  • Zoom uit
  • Zoom 100%
  • Muiswiel op / neer
Samen werken aan diergezondheid
Volg ons op...

Kalversterftecijfers in het nieuws

14-2-2017:  Naar aanleiding van een persbericht over kalversterfte, uitgebracht door Dier&Recht, ontvangt GD veel vragen van veehouders. De kalversterfte in Nederland loopt sinds 2010 steeds een beetje op. In de GD Herkauwer van mei 2014 en augustus 2016 heeft GD hier ook aandacht aan besteed. In dit bericht lichten we de berekeningswijze van GD toe met voorbeelden. Ook zijn onderaan het bericht linkjes toegevoegd naar de eerdere publicaties van GD over dit onderwerp.

GD voert in opdracht van het ministerie van EZ en de sector de diergezondheidsmonitoring uit. Het analyseren van de kalversterfte op Nederlandse melkveebedrijven op basis van een uitgebreide data-analyse is daar een onderdeel van. Hierbij kijkt GD per leeftijdsgroep en per kwartaal naar de ontwikkeling van de kalversterfte, zodat duidelijk in beeld komt wanneer en hoe op managementniveau het beste kan worden bijgestuurd. De kans dat een kalf sterft neemt af naarmate het dier ouder wordt.

Over de resultaten uit de monitoring wordt met regelmaat gecommuniceerd. Via berichten op de GD-website, via de monitoringsflyers en in de GD Magazines, zoals de Herkauwer (een vakblad voor rundveehouders).

In het artikel in de GD Herkauwer van augustus is onderstaande grafiek weergegeven.

Toelichting bij de grafiek: De blauw lijn geeft het sterftepercentage per kwartaal weer. Hierbij is een seizoenstrend te zien, het percentage in het vierde en eerste kwartaal is hoger dan in de andere kwartalen. GD berekent het sterftepercentage als volgt: per kwartaal wordt gekeken naar het aantal gestorven kalveren en dit aantal wordt gedeeld door het gemiddeld aantal aanwezige kalveren in dat kwartaal (zowel vaars- als stierkalveren) in de betreffende leeftijdsgroep (in de grafiek tot 3 maanden). De groene lijn geeft de trend in de tijd weer. Over de afgelopen 5 jaar stijgt de kalversterfte.

Een rekenvoorbeeld: In het vierde kwartaal van 2015 had een bedrijf 100 melkkoeien en waren er in een kwartaal gemiddeld 16 geoormerkte kalveren tot 3 maanden oud aanwezig, in dat kwartaal stierf 1 geoormerkt kalf op dat bedrijf. Dat geeft een gemiddelde kalversterfte in dat kwartaal van 1/16=6,3%.

Berekening geoormerkte kalversterfte in de leeftijd tot 1 jaar:
Over heel 2015 bedroeg het percentage sterfte van geoormerkte kalveren tot 1 jaar oud 13,3%. Een rekenvoorbeeld: In 2015 had een bedrijf 100 melkkoeien en waren er gemiddeld 38 geoormerkte kalveren tot 1 jaar oud aanwezig, in 2015 stierven 5 geoormerkte kalveren op dat bedrijf. Dat geeft een gemiddelde kalversterfte van 5/38=13,2%.

Referentiewaarden voor veehouders

GD streeft ernaar feitelijk juiste informatie te geven die een goed beeld geeft van de werkelijkheid en die bijdraagt aan het verder verbeteren van de diergezondheid. Het publiceren van de sterftecijfers van kalveren geeft veehouders referentiewaarden waarmee de resultaten op het eigen bedrijf vergeleken kunnen worden. De meeste veehouders hebben de jongveeopfok goed voor elkaar. In het laatste kwartaal van 2015 had 44% van de melkveebedrijven geen enkel gestorven kalf in de leeftijd van drie dagen tot drie maanden. Maar er zijn ook bedrijven waar de jongveeopfok beter kan. De sectorpartijen vinden een goede jongveeopfok belangrijk en zijn daarom diverse initiatieven gestart.